Schrijftip

Je hebt geen deadline.

Je hebt geen deadline.

→ tijd nemen, herschrijven en weten wanneer je boek klaar is

→ tijd nemen, herschrijven en weten wanneer je boek klaar is

Wie aan een boek begint, wil meestal twee dingen.

Een goed boek schrijven. En het liefst ook een beetje snel.

Een boek is een vreemd project. Je begint eraan zonder precies te weten hoelang het zal duren, hoeveel werk erin zal kruipen en of iemand het uiteindelijk zal willen lezen. Na een paar maanden zwoegen wil je dan ook wel eens kunnen zeggen: ‘Het is af.’

Dat zijn drie bijzonder aantrekkelijke woorden. Alleen worden ze vaak veel te vroeg uitgesproken.

Het boek dat in twee weken werd geschreven

Je kent de verhalen. Een auteur trekt zich terug in een huisje aan zee, begint op maandag te schrijven en twee weken later ligt er een compleet manuscript.

Het boek kwam er in één ruk uit. Alles viel op zijn plaats. De personages namen het over. De vingers konden het hoofd nauwelijks volgen.

Prachtig.

Maar ik zou er mijn eigen schrijfproces niet op baseren.

Een eerste versie kan snel ontstaan. Misschien schrijf je in twee maanden een volledig manuscript. Misschien zelfs sneller.

Dat betekent alleen nog niet dat je boek klaar is. Het betekent dat je een boek hebt om aan te beginnen.

Schrijven is iets anders dan afwerken

Tijdens een eerste versie probeer je vooral het verhaal te vinden. Je maakt keuzes. Sommige werken. Andere niet. Je leert je personages kennen en ontdekt onderweg waar je boek eigenlijk écht over gaat (zie ook blog 7 – Waar gaat je boek écht over).

Pas dan kun je echt beoordelen wat je aan het doen bent.

Je ziet dat hoofdstuk drie eigenlijk veel te vroeg komt. Dat je op pagina 247 een fantastische vondst hebt gedaan die je eigenlijk op pagina 42 al had moeten voorbereiden. Dat je hoofdpersonage in het begin net iets anders praat dan op het einde.

Dat is schrijven.

Daarom vind ik het gevaarlijk wanneer auteurs na hun laatste hoofdstuk nog een keer door het manuscript lopen, wat tikfouten verwijderen en vervolgens besluiten dat het klaar is.

Je bent dan wel aan de finish gekomen. Maar je moet terug naar de start.

Morgen zie je meer dan vandaag

Een van de beste dingen die je met een manuscript kunt doen, is soms bijzonder eenvoudig.

Doe iets anders en laat het liggen. Als het kan een maand of twee.

Je zult merken dat er iets vreemds gebeurt wanneer je daarna opnieuw begint te lezen.

Het boek voelt minder van jou. En dat is goed.

Tijdens het schrijven weet je namelijk te veel.

Je weet wat een zin betekent omdat jij hem hebt geschreven. Je begrijpt waarom een personage iets doet omdat jij zijn volledige voorgeschiedenis kent. Je ziet geen probleem in een sprong in de logica omdat de ontbrekende stap gewoon in je hoofd zit.

Afstand haalt een deel van die voorkennis weg. Plots lees je iets en denk je: ‘Waarom doet hij dat eigenlijk?’

Of: ‘Dit duurt wel héél lang.’

Of: ‘Wat probeer ik hier in godsnaam te zeggen?’

Tijd heeft je manuscript niet veranderd. Tijd heeft jou veranderd als lezer.

Een boek kan niet te laat verschijnen

Ik heb moeite met de gedachte dat je een boek op een bepaald moment gewoon moet loslaten omdat je anders eeuwig kunt blijven herwerken.

Dat wordt héél vaak gezegd en er zit een kern van waarheid in.

Je kunt inderdaad eindeloos blijven prutsen. Een komma verplaatsen. Haar terugzetten. Drie dagen twijfelen tussen maar en echter. Om vervolgens vast te stellen dat de hele zin beter weg kan.

Daar pleit ik niet voor. Maar volgens mij is dat niet het grootste probleem van de meeste boeken.

Het tegenovergestelde is veel gevaarlijker: te vroeg stoppen. Een verhaal uitgeven dat met nog (minstens) één grondige edit veel beter had kunnen zijn.

Een personage dat nog niet helemaal klopt. Een einde dat werkt, maar nog niet onvermijdelijk voelt. Een subplot dat er eigenlijk uit moet.

Een eerste hoofdstuk dat nog geschreven is door de versie van jou die het boek zelf nauwelijks kende.

Een boek kun je heel gemakkelijk te vroeg uitgeven. Maar nauwelijks te laat.

De industrie houdt van een deadline

Uitgeverijen hebben natuurlijk deadlines.

Er is een planning. Een redacteur. Een vormgever. Een drukker. Een catalogus. Een vertegenwoordiger die met het boek naar boekhandels moet. Op een bepaald moment moet iemand zeggen: nu is het gedaan.

Alleen heeft het verhaal zelf daar geen boodschap aan. Soms is het simpelweg nog niet klaar. Of niet klaar genoeg om de markt te bestormen.

Voor mij was dat ook een van de redenen om met mijn eigen label Essential te werken. Ik wilde mezelf zoveel mogelijk één vrijheid geven die bij een klassieke planning moeilijker is: een boek is klaar wanneer het klaar is.

Niet wanneer de deadline verstrijkt.

We leven in een tijd waarin snelheid bijna automatisch als iets positiefs wordt gezien.

Schrijf sneller. Publiceer sneller. Maak content. Blijf zichtbaar.

Maar sommige ideeën hebben tijd nodig voordat je begrijpt waarom ze werken. Sommige personages moet je een tijdje kennen. Soms moet je een einde schrijven om te beseffen dat je begin verkeerd is.

Tijd is geen verloren tijd. Ook wanneer je niet schrijft, kan een boek verder rijpen.

Je hoofd blijft verbanden leggen. Afstand creëert overzicht.

Ervaring met latere hoofdstukken verandert hoe je naar eerdere hoofdstukken kijkt.

Daar moet je gebruik van maken.

Haast is nooit een kwaliteitscriterium

Niemand vraagt bij een goed boek: Maar hoeveel weken heeft hij hierover gedaan?

Hij ziet alleen wat er uiteindelijk op de pagina staat.

Dus waarom zou je haast maken?

Omdat je graag wilt publiceren? Natuurlijk.

Omdat je benieuwd bent naar de reacties? Logisch.

Omdat het fantastisch voelt om eindelijk een echt boek in handen te hebben? Absoluut.

Maar dat zijn allemaal redenen die belangrijk zijn voor de schrijver. Niet voor het boek.

Neem dus die extra maand. Lees opnieuw. Schrap. Herschrijf. Laat iemand anders lezen. Leg het weg. Kom terug.

En wanneer je denkt dat het écht klaar is, kijk dan nog één.

Je hebt geen deadline.

Er is alleen een boek.

En dat boek krijgt maar één kans om voor voor een goede eerste indruk.

OVER DE AUTEUR

Piet Baete is auteur, scenarist en gerechtsdeskundige. Als onafhankelijk analist werkt hij mee aan coldcaseonderzoeken van de federale politie. Hij schreef onder meer voor Professor T., True Crime Belgium en andere Vlaamse fictiereeksen.

Piet Baete is auteur, scenarist en gerechtsdeskundige. Als onafhankelijk analist werkt hij mee aan coldcaseonderzoeken van de federale politie. Hij schreef onder meer voor Professor T., True Crime Belgium en andere Vlaamse fictiereeksen.